Wat eist God in het eerste, tweede en derde gebod?


Ten eerste, dat wij God kennen en vertrouwen als de enige ware en levende God. Ten tweede, dat we alle afgoderij vermijden en God niet op ongepaste wijze aanbidden. Ten derde, dat wij Gods naam behandelen met vrees en eerbied, en Zijn Woord en werk eren.


Deuteronomium 6:13-14

13 Gij zult den HEERE, uw God, vrezen, en Hem dienen; en gij zult bij Zijn Naam zweren. 14 Gij zult andere goden niet navolgen, van de goden der volken, die rondom u zijn.

Gebed Volwassenen

U beveelt "dat ik geen andere goden voor Uw aangezicht zal hebben." Dat wil zeggen dat ik U moet erkennen als mijn Heere en God en dat ik voor alle goede dingen zelfbewust naar Uw handen moet kijken, en daarom moet ik al mijn vertrouwen op U stellen, dankbaar jegens U zijn, U liefhebben, U vrezen, U gehoorzamen, en Uw heilige naam in al mijn behoeften aanroepen; dus moet ik dit geloof, deze liefde, angst, gehoorzaamheid, dankbaarheid, en dit gebed, aan niemand anders geven ... maar alleen aan U .... Ik heb alle reden om alles met een zeer vrolijk hart te doen, O Heere God. Want wat is het geweldig, dat U, Heere, verwaardigd hebt ... om Uw Zoon te geven voor mij, en dat U mijn God wilde worden ...! Maar, helaas! liefdevolle Vader, wat zal ik zeggen? Ik heb in het verleden op een vreselijke wijze Uw wet gebroken en vertrouwen gesteld in Uw schepselen, een beroep op hen gedaan, en ik heb in plaats van U veel dingen naast U liefgehad, gevreesd en gehoorzaamd .... Op grond van Uw goedheid en grote barmhartigheid, Vader ... vergeef mij zowel mijn afgoderij die ik in het verleden heb begaan als die ik de laatste tijd heb begaan en nu nog doe… [en geef] dat ik geen andere god in mijn hart zal hebben dan U, nog dat ik een ander zal dienen dan U alleen. … O Heer ... U gebiedt mij om Uw naam niet ijdel te gebruiken, zoals door te vloeken, te bidden zonder zin, en ook door te spotten of te schelden, of door onachtzaam Uw heilig Woord te lezen of horen ...; en op dezelfde wijze door Uw Woord en Waarheid te ontkennen of door het te verstoppen wanneer er een gelegenheid wordt geboden Uw heerlijkheid te bekend te maken en te bevestigen. Daarom mag ik wel terdege inzien dat U wilt hebben dat ik mijn tong gebruik om in nederigheid Uw Woord en Waarheid te belijden... in het van harte bidden en aanroepen van Uw naam; in het lezen en horen van Uw Woord, en het spreken daarvan met alle eerbied , ijver en aandacht; in het dankzeggen en prijzen van U voor uw grote barmhartigheid .... Maar, genadige goede God ... ik ben een ellendige overtreder van deze Uw allerheiligste, goede en gezegende geboden, zoals ik dat in het verleden altijd heb gedaan .... Liefdevolle God, vergeef mij mijn zonden uit het verleden en van het heden, waarvan deze wet mij beschuldigt; en verleen mij, meest barmhartige Vader, dat ik met Uw Heilige Geest bekleed mag worden, om Uw heilige Naam, Uw Woord en de waarheid in Jezus Christus te kennen en lief te hebben ... om Uw naam aan te roepen in al mijn nood, U de dank toe te brengen, U te prijzen en verheerlijken, en Uw heilige naam te heiligen, als een vat van Uw goedertierenheid, voor eeuwig en altijd.
John Bradford (1510–1555) was een Engelse protestantse reformator. Bradford studeerde aan de universiteit van Cambridge en werd benoemd tot koninklijke kapelaan van koning Edward VI. Toen de katholieke Mary Tudor op de troon kwam, werd hij samen met Latimer, Ridley en aartsbisschop Cranmer gearresteerd. Bradford had een grote reputatie als prediker en een grote menigte kwam naar zijn executie. Hij wordt het meest herinnerd om zijn statement: “There but for the grace of God goes John Bradford” (d.w.z. Daar gaat John Bradford,maar slechts omwille van de genade van God). Sommige van zijn werken werden geschreven vanuit de gevangenis, onder meer brieven, vermaningen, lofredes, meditaties, preken, en essays.
Bron: “Godly Meditations: A Meditation upon the Ten Commandments” in The Writings of John Bradford, edited by Aubrey Townsend (Cambridge: University Press, 1868), 150–157.

Commentaar

God brengt mensen ertoe om te zien dat de God zoals Hij Zich openbaarde in de Schriften en bekend maakte in de persoon van de Heere Jezus, de God is die hemel en aarde gemaakt heeft. De mens bedenkt voor zichzelf een god naar zijn eigen wens; als dit niet uit steen en hout is dan maakt hij uit wat hij zijn eigen bewustzijn of uit zijn ontwikkelde gedachten noemt naar zijn eigen smaak een godheid die niet te streng zal zijn tegenover zijn ongerechtigheden of streng zal recht spreken jegens de onboetvaardige. Hij verwerpt God zoals Hij is en bedenkt andere goden zoals hij denkt dat het Goddelijke zou moeten zijn. Wanneer hij hun verstand verlicht, laat de Heilige Geest echter zien dat de HEERE God is, en er naast Hem geen ander is. Hij leert Zijn kinderen dat de God van de hemel en de aarde de God van de Bijbel is, een God wiens eigenschappen volkomen in evenwicht zijn. Barmhartigheid die gepaard gaat met rechtvaardigheid, liefde die vergezeld gaat met heiligheid, genade die bekleed is met waarheid, en macht die verbonden is met tederheid. Hij is niet een God die de zonde door de vingers ziet en nog minder een God die in de zonde een behagen schept … maar een God die de ongerechtigheid niet kan aanzien, en de schuldigen zeker niet zal sparen. Dit is tegenwoordig de grote reden tot twist tussen de filosoof en de christen. De filosoof zegt: “Ja, een god, jij je zin, maar hij moet wel van zodanige aard zijn, zoals ik nu dogmatisch aan je voorstel. Maar de christen antwoordt: “Het is niet onze taak een god te bedenken, maar de enige God te gehoorzamen die geopenbaard is in de Heilige Schrift van de waarheid.”
Charles Haddon Spurgeon (1834–1892) is een Engelse baptisten predikant. Spurgeon werd op 20 jarige leeftijd predikant van de Londense New Park Street Church (later Metropolitan Tabernacle). Hij preekte vaak aan meer dan 10.000 mensen zonder elektronische versterking. Spurgeon was een productief schrijver en zijn gedrukte werken zijn omvangrijk; tot zijn sterven preekte hij ongeveer 3.600 preken en gepubliceerde 49 delen commentaren, redes, liederen en gebeden.
Bron: de preek “Heart-Knowledge of God” in The Metropolitan Tabernacle Pulpit: Sermons Preached and Revised by C.H. Spurgeon During the Year 1874, Volume XX (London: Passmore & Alabaster, 1875), 674–675.
Nadere informatie: “Self-disclosure” in Concise Theology, by J. I. Packer.

Gebed Kinderen

Heere God, U heeft geboden dat wij geen andere goden naast U zullen hebben — dat U alleen onze Heer en God zou moeten zijn. We zouden heel ons vertrouwen op U moeten stellen, U dankbaar moeten zijn, U moeten liefhebben, vrezen en gehoorzamen. Maar, liefdevolle Vader, wij hebben Uw wet gebroken en vertrouwd op andere dingen. Alstublieft, vergeef ons onze afgoderij en help ons geen andere god te dienen dan alleen U. Help ons U te kennen en Uw heilige naam, Woord en Waarheid lief te hebben. Amen.
Ten eerste, dat wij God kennen als de enige ware God. Ten tweede, dat we alle afgoderij vermijden Ten derde, dat wij Gods naam behandelen met vrees en eerbied
    Deel vraag en antwoord met uw vrienden.
    Vorige vraag Q9 Vorige vraag
    Vorige vraag